Trauma’s en eenzaamheid: opgroeien in oorlogstijd raakt Oekraïense jongeren hard

Thierry de Graaf



Vandaag is het twee jaar geleden dat in de vroege ochtend Russische tanks Oekraïne binnenvielen. Sommige families besloten om direct hun spullen te pakken. Ze vluchtten naar het buitenland of ze vertrokken naar een veiligere regio in het land. Volgens de Wereldbank en de VN zijn 3,7 miljoen Oekraïners ontheemd maar verblijven ze nog wel in het land. 5,9 miljoen gevluchte Oekraïners verblijven in het buitenland. 

Uren in de schuilkelders

De familie van de 11-jarige Nika uit de frontstad Charkiv bleef in haar geboortestad. Zij volgt al twee jaar lang online lessen. Veel van haar vrienden zijn vertrokken. En naar verenigingen kan ze niet, die zijn allemaal gesloten. Van haar favoriete winkel waar ze vaak kwam, is niets meer over. Toch blijft ze optimistisch. “Ik geloof dat er mooie dagen aankomen en dat we in vrede zullen leven”, zegt ze in een filmpje van Unicef. 

Volgens de hulporganisatie hebben kinderen in Oekraïense frontgebieden tussen 3000 en 5000 uur in metrostations en schuilkelders doorgebracht. Dat staat gelijk aan vier tot zeven maanden. 

Volgens de Financial Times worden kinderen die rond de elf jaar oud zijn en vlak bij het front wonen, het hardst geraakt door de oorlog. Na de beëindiging van de lockdown door de coronacrisis konden ze slechts enkele maanden naar school. Daarna vielen de Russen het land binnen. Sommige kinderen kunnen daarom al bijna vier jaar lang niet naar school. En dan zijn er ook nog kinderen die al sinds 2014 in de Donbas en de Krim onder zware repressie van de Russen leven. 

Leeg klaslokaal

Honderden kilometers verderop, in het dorpje Lozuvatka op zo’n 350 kilometer ten zuidoosten van Kyiv, geeft juf Svitlana online les aan 11-jarigen voor haar computer in een leeg klaslokaal. “Natuurlijk zie ik dat dit een grote impact heeft op kinderen en hun sociale vermogen”, zegt ze tegen persbureau Reuters. “Ze krijgen niet de kans om op deze manier met elkaar te communiceren.” Ouders houden hun kinderen onder meer thuis omdat ze bang zijn dat hun kinderen onderweg worden getroffen door luchtaanvallen. 

Volgens het Oekraïens ministerie van Gezondheid gaat de helft van de 4,1 miljoen schoolgaande kinderen nog fysiek naar school. Zij zitten bijvoorbeeld in een voormalig metrostation, meters onder de grond. Correspondent Jeroen Akkermans ging daar vorig jaar langs, zo is te zien in deze video: 

 

Een kwart van de kinderen heeft zowel fysiek als online les. De rest gaat naar school in veiligere delen in het land of in het buitenland. 

“De oorlog in Oekraïne heeft de kindertijd verwoest en grote schade aangericht aan de geestelijke gezondheid en het leervermogen van kinderen”, zegt Unicef-directeur Catherine Russell. “Twee jaar lang hebben ze al te maken met geweld, isolatie, het verlies van dierbaren en een verstoorde schooltijd.” 

De Financial Times sprak ook met een kinderpsycholoog. Volgens haar zijn kinderen vaak angstig en hebben ze moeite om zich te concentreren. Ook hebben ze last van nachtmerries. 

Oekraïners in het buitenland

Een ander deel van de Oekraïense kinderen vertrok naar het buitenland, meestal zonder vader. Zij bevinden zich in twee werelden. Het ene been staat in het buitenland, het andere in het geboorteland. Ze twijfelen over waar hun toekomst ligt. Volgens psycholoog Dastin Suski wil een deel graag terugkeren, maar zitten ze als het ware in een wachtkamer. “Hoewel je daarin veel interessante dingen kunt doen, is het nog steeds een wachtkamer”, zegt hij tegen Reuters.

De 15-jarige Denys uit Odesa denkt ook op termijn terug te keren naar Oekraïne. Na een periode van depressies gaat het beter met hem. “Ik denk dat ik uiteindelijk terugga om het land opnieuw op te bouwen en de mensen te helpen die zijn achtergebleven.”

De 17-jarige Dariia uit Charkiv denkt daar anders over. “Ik wil niet teruggaan omdat Charkiv zo verwoest is, er is niets meer om naar terug te gaan. Ik wil alleen af en toe terug om mijn ouders te bezoeken.” Ook de 15-jarige Andrii, die sinds maart 2022 in Gdansk met zijn moeder verblijft, weet nog niet wat zijn thuis wordt. “Het is moeilijk om te bepalen wat mijn thuis is, maar voor nu is dat Oekraïne.”

Ook in Nederland zitten Oekraïense kinderen in een spagaat. RTL Nieuws was deze week op bezoek bij een school met veel Oekraïense kinderen:

“Iedereen is in meer of mindere mate getraumatiseerd door de sirenes en de luchtaanvallen”, zegt Julia Soldatiuk. Zij is van Oekraïense afkomst en heeft af en toe contact met mensen binnen de Oekraïense gemeenschap. Ook hoorde ze dat een deel van de Oekraïners, onder wie jongeren, in Nederland behoefte heeft aan psychische ondersteuning omdat ze kampen met trauma’s. 

Soms ook enige blijdschap

“Tegelijk is er het spook van meer mobilisatie in elk huishouden”, zegt correspondent Jeroen Akkermans. “Iedereen weet nu wat het is om naar het front te gaan. Dat geldt niet alleen voor de soldaten, maar ook voor de achterblijvers. Als er nu weer gemobiliseerd wordt, dan weten ze wat hun te wachten staat en dat is de hel.”



Website

Lees ook deze artikelen

Leave a Comment